Homepage Het HuisartsenteamNieuwsberichten | Contact | Intranet| Disclaimer
 
 
Diabetes
Algemeen
Nieuws
Resultaten zorg Diabetes
COPD
Algemeen
Nieuws
Resultaten zorg COPD
Hart & vaatziekten
Algemeen
Nieuws
Resultaten zorg Hart en vaatziekten
Stoppen met roken
  Gezondheidsberichten
   
  Gerichte medische informatie voor u als diabetes of COPD patiënt, of als patiënt met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten; maar ook als u uw gezondheid op koers wil houden.
 

Gezond bewegen

Gezond bewegen betekent elke dag actief zijn. Dit kan al door elke dag minstens een half uur matig intensieve inspanning. Dat is het makkelijkst vol te houden wanneer u de activiteit inbouwt in uw dagelijks leven, bijvoorbeeld door te tuinieren, stevig te wandelen of de fiets te pakken voor een boodschap. U kunt het half uur verdelen over bijvoorbeeld drie keer tien minuten of twee keer een kwartier. U kunt ook kiezen voor sporten of bewegen in groepsverband of onder begeleiding.

Wanneer beweegt u voldoende?

De Nederlandse Norm Gezond Bewegen luidt:

“Een half uur matig intensieve lichamelijke activiteit op minstens 5, maar het liefst op alle dagen van de week”.

Met matig intensieve, lichamelijke activiteit bedoelen we bijvoorbeeld een half uur stevig wandelen (5 km per uur) of fietsen (15 km per uur). Het halve uur hoeft niet achter elkaar plaats te vinden; 2 x 15 minuten, 3 x 10 minuten of 6 x 5 minuten mag ook. Minimaal 5 keer per week een half uur matig intensief bewegen is nodig om uw gezondheid te verbeteren. Waarschijnlijk is dit niet genoeg voor een maximaal resultaat. Voor het bestrijden van de risicofactoren voor hart- en vaatziekten is het nog beter als u 1 uur per dag lichamelijk actief bent. Elke dag lichamelijk actief zijn, is beter dan een paar keer per week intensief sporten.

Wat kunt u zelf doen?

Stap 1. Denk na over uw beweeggedrag.

  • Hoeveel beweegt u?
  • Op welke manieren beweegt u?
  • Hoeveel uren zit u op een dag? Bijvoorbeeld tijdens computeren, televisiekijken of bureauwerkzaamheden.
  • Hoeveel beweegt u meer of minder dan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen?

Stap 2. Denk na over de voor- en nadelen van bewegen.

  • Waarom zou u meer gaan bewegen?
  • Wat zijn voor u de voordelen als u meer gaat bewegen?
  • Wat houdt u tegen om meer te gaan bewegen?
  • Wat zijn de nadelen van meer bewegen?
  • Hoe belangrijk vindt u de voor- en nadelen?

Kent u alle voor- en nadelen van bewegen? Dan kunt u besluiten of u wel of niet meer wilt bewegen. Als u besluit om meer te bewegen, gaat u verder met stap 3.

Stap 3. Onderzoek hoe u meer kunt bewegen.

  • Op welke manier kunt u meer bewegen? Zoek een activiteit die bij u past en die u leuk vindt.
  • Kunt u het meer bewegen goed inpassen in uw dagelijkse bezigheden? Bijvoorbeeld door te wandelen in de lunchpauze of door te fietsen in plaats van auto te rijden.
  • Is het gemakkelijk om de gekozen activiteiten elke dag te doen? Wilt u elke dag bewegen? Kies dan voor activiteiten waarbij u:
    • niet afhankelijk bent van anderen, ook al is bewegen met anderen wel leuk en stimulerend
    • niet ver hoeft te reizen
    • geen speciale apparatuur nodig hebt
    • geen hoge kosten moet maken

Stap 4. Maak een beweegplan. Dit plan is onderdeel van uw individuele zorgplan.

  • Wanneer begint u met bewegen?
  • Hoeveel meer wilt u gaan bewegen ?
  • Hoe bouwt u dit op?
  • Wie vraagt u om u te helpen bij het uitvoeren van uw plan?

Stap 5. Voer uw plan uit en hou vol.

Een paar tips

  • Schrijf de activiteiten op in uw agenda.
  • Het is belangrijk om vol te houden. Als u volhoudt, ontdekt u dat bewegen het dagelijkse leven prettiger maakt. U voelt u fitter en u kunt meer doen.
  • Vaak is het gemakkelijker om vol te houden als u samen met anderen beweegt. Samen met anderen bewegen kan heel stimulerend zijn.
  • Bouw activiteiten rustig op. Leer uw eigen grenzen kennen en hou daar ook rekening mee.
  • Leer om de risico’s in de juiste verhoudingen te zien. Denk aan de risico’s, maar overdrijf niet. Geef aan wanneer u angstig bent tijdens het bewegen. Laat u helpen als het nodig is.
  • Stop niet met bewegen als u geen contact meer hebt met de zorgverlener.
  • Hoeveel u beweegt, kunt u meten met de stappenteller, een klein apparaatje dat meet hoeveel u loopt. Stappentellers zijn te koop in de meeste sportwinkels. Ook kunt u ze bestellen via internet.

Wat kan een zorgverlener voor u doen?

Zorgverleners, zoals uw huisarts of de praktijkondersteuner, kunnen u helpen bij het maken van een plan om meer te bewegen. Zij kunnen u advies geven over activiteiten die bij u passen. Zij kunnen ook extra ondersteuning geven bij het uitvoeren van uw plan. Zorgverleners kunnen u ook adviseren waar u moet zijn voor extra ondersteuning.

Waar vindt u meer informatie?

Over hoe belangrijk bewegen is:



Terug naar boven